Er zijn 2 verschillende regels, die kunnen en mogen worden toegepast.

Het verschil tussen bal schoonmaken en terugplaatsen (E-2) en plaatsen (E-3) in golf zit in wat je met de bal mag doen nadat je hem hebt opgenomen.

Bal schoonmaken en terugplaatsen (E-2):

  • Doel: Modder of vuil van de bal verwijderen.
  • Actie: Je markeert de bal, pakt hem op, maakt hem schoon en legt hem precies op dezelfde oorspronkelijke plek terug. Je mag de bal niet verleggen naar een betere ligging.

Plaatsen (E-3):

  • Doel: De ligging van de bal verbeteren omdat de baan in extreem slechte of beschadigde conditie verkeert.
  • Actie: Je pakt de bal op en mag deze verplaatsen naar een betere plek (vaak binnen een bepaalde afstand, zoals een clublengte).

Belangrijke regels:

  • Wanneer geldt wat? Volgens het beleid van de Nederlandse Golf Federatie (NGF) mag "plaatsen" alleen worden ingesteld bij zeer extreme en wijdverspreide weers- of baan omstandigheden.
    Vaak is alleen "bal schoonmaken" al voldoende.
  • Markeren: Bij beide regels moet je de bal altijd eerst markeren voordat je hem opneemt.

Regelcommissie